NL - FR
een initiatief van

Je verhaal

Zomer. Is dat niet een zalige zorgeloze periode. Een periode waar iedereen naar uitkijkt. Dat was ook wat ik dacht van de zomer in 2014. Een zorgeloze zomer. Een zomer met werken maar ook een zomer om bij vrienden te zijn en ons gewoon te amuseren. Een zomer als een gelukkig meisje van 16. Maar dat sloeg om.

Een fuif, samen met vriendinnen ons gewoon amuseren. Is dat niet wat iedereen wilt doen? Een typische plaatselijke klj-fuif. Natuurlijk waren er ook andere klj’s aanwezig. 1 van deze was afkomstig van Beveren. Er was een groepje van een stuk of 7 die ons volgden. Ieder keer ze bij ons kwamen staan gingen we weg. Er waren nog andere mensen die ik kende dus ging ik daar ook even naartoe. Ik wou mij omdraaien en terug naar mijn vriendinnen gaan maar deze waren weg. Ik zag hen niet onmiddellijk dus wou hen zoeken. Ik zag dat de bende die ons al heel de avond aan het navolgen was dichter kwam. We ontweken hen al iedere keer maar nu stond ik daar alleen. Ik wou mij terug draaien en bij andere mensen gaan staan die ik kende. Maar ik was niet snel genoeg. Ik voelde iemand me bij mijn pols nemen. Het eerste moment wist ik niet wat ik moest doen dus ging ik gewoon mee. Toen we buiten de tent kwamen zag ik wie het was. Hij begon gewoon met me te praten. ik dacht als ik gewoon reageerde op z’n vragen en met hem in gesprek ging, dat me niets kon gebeuren. Maar hij was slimmer dan ik dacht. Ik had totaal niet door dat hij me naar het elektriciteitkot aan het brengen was. Pas toen we daar aankwamen had ik door waar ik was. Dit kot stond ver van de tent. Nog steeds wist ik niet hoe of wat te gebeuren stond. Het was pas toen hij me tegen de stenen muur duwde en me begon te kussen en ik hem wou wegduwen maar dit niet ging, toen had ik door dat dit niet oké was.
Een normale reactie zou zijn om te denken ‘’Ik wil hier weg’’. En er alles aan doen om ook effectief weg te geraken. Het verschil met mijn niet zo normale reactie was dat ik wel dacht dat ik daar weg wou en weg moest, maar ik deed niets. Helemaal niets. Waarom deed ik niets? Ze zeggen dat het door de bevriesreactie komt, maar waarom kreeg ik die dan? Ik denk dat niemand een antwoord weet op het waarom. Misschien is dit ook beter want ik verwijt mezelf al genoeg. Hij bleef z’n gang gaan en begon handtastelijk te worden. Hij begon me overal aan te raken en weer deed ik niets. Misschien een flauw duwtje maar dit stopte hem niet. Terwijl hij mij overal enorm bruut aan het aanraken was begon hij mij uit te kleden. En weer deed ik niets. Het niets doen had het overgenomen van de chaotische gedachten in m’n hoofd. Hij wou zijn behoefte hebben maar hield geen rekening met de pijn die ik voelde. Hij duwde me op de grond. De kiezelstenen deden zeer, alsof ze rechtstreeks door m’n rug gingen. Toen ging ik helemaal in paniek maar alweer deed ik niets. Ik hoorde, voelde, zag alles maar ik kon gewoon niets doen. Geen schop, geen slag, helemaal niets. Waarom met mij? Niet dat ik het anderen toewens maar toch. Had ik de verkeerde kleren aan? Had ik hem de indruk gegeven dat ik dit wou? Wat had ik gedaan?
Maar ik deed dus helemaal niets. Jawel, ik beleefde dat moment, ik onderging dat moment. Ik heb geen idee hoelang het effectief duurde maar het voelde als een uur. Een uur vol pijn en verdriet. Ik had verdomd veel zeer, het was mijn eerste keer. Hoort dat niet romantisch te zijn met iemand die je echt graag ziet? Ik was amper 16. Ik denk dat dit er ook voor gezorgd heeft dat ik voorzichtiger ben in relaties en me niet durf binden. Ik heb soms van die periodes dat ik geen mannelijk contact kan aanvaarden. Vanaf ze me aanraken, ook al is het goed bedoel, voel ik een schok en voel ik me niet op mijn gemakt. Precies of ik heb een afkeer van hen. Mijn eerste ervaring was meteen ook de slechtste. Ik had pijn. Ik kan me niet herinneren of er tranen over m’n gezicht liepen, waarschijnlijk deed ik zelfs dit niet. ik voelde al de emoties van pijn, woede, angst verdriet door m’n hoofd en lichaam open maar ze vonden nergens een uitweg.


Als hij zijn behoefte voldaan had liet hij mij voor dood achter. Ik weet niet hoelang ik daar nog bleef tot ik mezelf terug bij elkaar geraapt had. Maar eens dat me gelukt was ging ik terug naar de tent en kwam ik al mijn vriendin tegen. Ik begon gewoon te wenen en zei niets over wat effectief gebeurd was. Ik bleef bij haar slapen en ze besloot om onmiddellijk naar huis te vertrekken. Eens we bij haar thuis waren heb ik mij onmiddellijk gedoucht. Ik bleef schrobben om alles van me af te krijgen, hem van me af te krijgen. Daarna kroop ik onmiddellijk in bed.

De ochtend nadien wou ik zo normaal mogelijk doen. Dit is mij relatief goed gelukt. Maar ik werkte die zomer ook als jobstudent bij kinderen. Op een bepaald moment had mijn baas iets door en brak ik. Ik vertelde hem flarden want hij was een man, die kon ik op dat moment echt niet hebben. Hij vroeg of ik wist wie het was, toen wist ik dit nog niet. Ik wist enkel dat hij afkomstig was van de klj in Beveren en rond z’n rechterarm z’n sjaaltje droeg. Toen is hij beginnen opzoeken en heb ik hem herkend. Hij haalde de politie erbij. Maar ik wou niet nog eens heel mijn verhaal doen ze hadden zijn naam maar konden niets doen zolang ik geen verklaring wou afleggen.

Uiteindelijk gaf ik toe. 4u heb ik daar gezeten. 4u met angst, pijn, verdriet en schaamte. En uiteindelijk kwam het uit dat ze me niet volledig geloofden. De reden? Ik had geen duidelijke verwondingen meer die te linken waren met wat gebeurd was. Gevolg? Ze zijn hem nooit gaan opzoeken en hij loopt dus nog gewoon rond. Ze konden hem wel gaan opzoeken, ik wist zijn naam. Want ik had hem herkend op foto’s. Maar ze deden het niet. Toen ik naar de politie ging was ik bang. Bang dat hij dit te weten zou komen en me terug zou opzoeken. Ik wist zijn naam, wist hij dan ook mijn naam? Tot op de dag van vandaag is er nog steeds geen verandering in de zaak, dat zal ook niet komen, de zaak is gewoon geklasseerd. Ze zeggen dat aan het bureau voor aangifte het verwerkingsproces kan beginnen of we een 2e keer kunnen getraumatiseerd worden. Want dat is het toch? Door hem kamp ik met een posttraumatische stressstoornis. Slapeloze nachten, gedachten die door m’n hoofd zweven. Hij die door m’n hoofd zweeft. Ik hoor af en toe nog z’n stem van alles wat hij zei tegen mij die avond. Dat ik een lief en sympathiek meisje was. Daar begon het mee. Die blik in z’n ogen maakte me toen al bang. Toen kwam ook nog dat ik moest zwijgen of hij me wist te vinden. Dat ik moest meewerken. En over de rest zal ik zwijgen want deze kan ik niet luidop zeggen.
Ik heb geworsteld de eerste maanden na de feiten. Er zat precies een motortje in m’n hoofd en lichaam die om de zoveel tijd eens uitviel en met moeite terug op gang raakte. Het blijft nog steeds een moeilijk strijd om dit woord onder ogen te komen. Er is iets gebeurd met mij maar dit? Nee dat durf ik niet zeggen. Daar zijn taboes rond; je zoekt het zelf, je lokt het zelf uit, je moest maar weglopen … Ik kan wel al terug uitgaan, is dit geen grote stap? Nee juist dat is het niet omdat dit voor iedereen altijd zo vanzelfsprekend lijkt.

Het is hij die m’n hele leven overhoop heeft gegooid. Zijn leven gaat waarschijnlijk door. Hij kan waarschijnlijk uitgaan zonder zorgen. Hij is niet diegene die een overdosis heeft proberen nemen, hij is niet diegene die teveel drinkt als ie uitgaat. Simpelweg omdat hij niet bang hoeft te zijn. Maar ik ben wel bang. Bang om terug volledig open te bloeien. Een deeltje zal altijd wat meer gesloten zijn en meer behoedzaam zijn. Slechte gewoontes bleven zich opvolgen. Snijden, roken, drinken. Maar geen enkele was de juiste oplossing. Nog steeds zit ik met schaamte. Schaamte over mijzelf, over m’n lichaam, over de hele gebeurtenis. Hij hoeft zich niet te schamen want voor hem is er niets gebeurd. Ik ben een bijzaak.
Soms ik voel ik mij zo fragiel en machteloos dat ik kan worden weggeblazen door een vleugelslag van een vlinder. Hij heeft mij volwassen laten worden maar ik was daar toen nog niet klaar voor. Soms voel ik mij totaal niet normaal of gestoord. Maar dat ben ik niet, dat ben ik echt niet. ik voel me soms wel zo. Een banaal onvolwassen persoon.

Het is moeilijk dit te aanvaarden. Het is hij die mij ongelooflijk veel pijn en verdriet heeft gedaan. Hij die m’n leven heeft afgenomen en het omgezet heeft naar overleven. Hij die mij verkracht heeft. En ik die ermee blijf zitten, want ik ben het slachtoffer van zijn seksueel geweld. Maar ik zal blijven vechten, vechten om m’n eigen leven terug in handen te krijgen. Vechten om me terug goed te voelen.


Terug naar overzicht
News
Vandaag worden er in ons land weer 100 vrouwen verkracht...
22 / 6 /2015

Ik zwijg niet meer
In België startte op 25 november 2013 een actie die zich specifiek tegen verkrachting van vrouwen richt.

Om de overheid tot actie aan te sporen roept de Vrouwenraad vrouwen op niet langer te zwijgen. Duizenden slachtoffers mogen niet in de kou blijven staan. En de daders moeten gestraft worden. 
[-]  Bent u een slachtoffer, laat dan van u horen. Dien klacht in bij de politie en doe uw verhaal anoniem via ikzwijgnietmeer.be. Want elke dag worden in ons land weer 100 vrouwen verkracht. En slechts 10 van hen dienen klacht in. 
[-]  Wilt u dit onrecht mee bestrijden, steun dan deze Belgische campagne voor een betere opvang, een goede begeleiding en meer respect voor de rechten van slachtoffers van verkrachting.
Teken de petitie

The Gap Is Mine!